Dansproject 'UNUM' tussen Japan en Nederland verkent een inclusieve samenleving - Time Out
New connections are formed through dancing together as a family
6 oktober 2026
Geschreven door Time Out. In samenwerking met de Ambassade van het Koninkrijk der Nederlanden in Japan
Inclusieve dans, waarbij uiteenlopende mensen samen dansen, ongeacht beperking, leeftijd, gender, nationaliteit of andere verschillen, wordt sinds de jaren tachtig op talloze plekken beoefend, vooral in Europa en Noord-Amerika. Het is een praktijk die via de fysieke expressie van dans allerlei grenzen en vaste ideeën in de samenleving bevraagt, en die onderzoekt hoe verschillende lichamen naast elkaar kunnen bestaan.
“UNUM”, dat werd opgevoerd als onderdeel van het officiële Nederlandse programma op de “Japan International Exposition 2025” (Expo Osaka-Kansai), is een van de werken die uit deze praktijk is voortgekomen. Mensen uit Nederland en Japan, met verschillende culturen en achtergronden, kwamen samen om de vraag te stellen: in wat voor samenleving kan iedereen meedoen?

De choreografie was in handen van Adriaan Luteijn, choreograaf en directeur van INTRODANS, een van de grootste balletgezelschappen van Nederland en een pionier op het gebied van inclusieve dans. De andere choreograaf was Dai Matsuoka, artistiek directeur van LAND FES, dat zich in Japan inzet voor vergelijkbare activiteiten.
UNUM ontstond uit de samenwerking tussen twee kunstenaars die elk in hun eigen vakgebied een loopbaan hadden opgebouwd. Het onderliggende thema was “Common Ground”, het thema van het Nederlandse paviljoen op de Expo Osaka-Kansai. Het idee dat mensen met verschillende culturen en waarden elkaar ontmoeten, met elkaar delen en samen nieuwe waarde creëren, sluit aan bij het creatieve werk van beide kunstenaars.

Het thema dat de twee kozen voor hun samenwerking was de relatie tussen ouder en kind. Ze begonnen het project met de vraag: hoe kunnen we deze vertrouwde relatie als vertrekpunt gebruiken om na te denken over hoe we omgaan met anderen die anders zijn dan wij, en hoe we samen kunnen leven terwijl we elkaars verschillen erkennen?
Ouders en kinderen uit zowel Japan als Nederland namen deel aan het maken van het werk. Onder de deelnemers waren gezinnen met een beperking, professionele dansers en ook mensen die geen dansachtergrond hadden. In het creatieve proces was het niet zo dat ervaren dansers lesgaven en minder ervaren deelnemers zich simpelweg aanpasten; iedere deelnemer bracht juist zijn of haar eigen lichamelijke gewaarwordingen en ervaringen in, en door ideeën uit te wisselen ontstond één samenhangend geheel.

“Verschillen zorgen voor wrijving, en daaruit ontstaan nieuwe vormen van fysieke expressie.” Luteijn verwerkt dit idee in zijn choreografie. In Japan is er in het dagelijks leven relatief weinig fysiek contact, terwijl de band met ouders in Nederland veel nabijer is. Hij legt als volgt uit hoe deze verschillende ouder-kindrelaties zijn dans hebben beïnvloed:
“Er zijn veel culturele verschillen in de ouder-kindrelatie tussen Nederland en Japan. Toch bestaat er in beide landen een unieke band die juist ontstaat omdát je ouder en kind bent, een verbinding die niet makkelijk in woorden te vatten is. Ook al verschillen de culturen, de liefde tussen ouders en kinderen blijft hetzelfde.
Kun je je voorstellen dat je danst met je moeder of vader? Dat je je vader optilt, op je zoon gaat zitten of gekke dansjes doet met je dochter? Dansen met je ouders is voor iedere danser een fascinerende reis. Tijdens het maken van UNUM zagen we ouders en kinderen voorzichtig in beweging komen, geleidelijk de afstand tussen hen verkleinen en hun band verdiepen. Dat was in Japan precies hetzelfde als in Nederland.”
Fysiek contact tussen ouders en kinderen kan in het dagelijks leven soms wat ongemakkelijk voelen, maar door het te vertalen naar dans krijgt het geleidelijk een andere betekenis. Wat bij het maken van dans centraal staat, is niet het wegnemen van grenzen, maar juist het tegenkomen van allerlei grenzen tijdens het creatieve proces, zoals je eigen fysieke en sociale grenzen.
Matsuoka en Luteijn begeleidden de dansers zorgvuldig om die grenzen stap voor stap fysiek te verleggen. Daarbij lieten ze zich inspireren door de verhalen over de band tussen elke ouder en elk kind, en verwerkten die in de dans.
“Dans heeft als kunstvorm de kracht om rijkere vormen van expressie te creëren door de grenzen van de werkelijkheid op te zoeken. Als die grenzen niet worden verlegd, of op zijn minst bevraagd, wordt alle kunst louter decoratief of kitscherig.”
Ouders en kinderen bewegen samen als dansers, reageren op elkaar en creëren onder begeleiding van choreografen Matsuoka en Luteijn het materiaal voor hun bewegingen. Dat proces is het hart van UNUM.
Inclusie die zich uitbreidt van het podium naar de samenleving
Matsuoka, die via inclusieve dansproducties zoals UNUM onderzoekt hoe mensen met verschillende lichamen en culturen samen tot expressie kunnen komen, vertelt over de uitdagingen die hij vanuit zijn ervaring ziet en over de samenleving die hij voor ogen heeft:
“Wat ik door mijn betrokkenheid bij deze activiteiten ben gaan inzien, is dat er in de wereld van cultuur en kunst nog maar heel weinig ruimte is voor mensen met een beperking om mee te doen. Alleen mensen met een beperking op het podium laten optreden is niet genoeg om iets echt inclusief te kunnen noemen.”
“Ik denk dat het aandeel mensen dat niet alleen op het podium, maar ook achter de schermen betrokken is, bij de ondersteuning van de productie, en bij choreografie, regie en besluitvorming, nog steeds laag is. Ik hoop in de eerste plaats dat we, doordat mensen werken als UNUM zien, het aantal betrokkenen kunnen vergroten en de mogelijkheden om mee te doen kunnen verbreden, en zo vooroordelen en discriminatie kunnen wegnemen. Ik denk dat, door te blijven dansen, het aantal mensen dat deze rollen op zich neemt vanzelf zal groeien.”

Wat er schuilgaat achter de ongemakkelijkheid van dansen met je ouder
Het waren niet alleen de performers die via UNUM grenzen verlegden. Voor de twee kunstenaars uit Japan en Nederland, met hun verschillende culturele achtergronden, bood deze grensoverschrijdende samenwerking de kans om elkaars expressie en waarden te verbreden.
Voor Matsuoka was UNUM de eerste keer dat hij samen met een choreograaf uit het buitenland de regie voerde. In de samenwerking met Luteijn, die een andere stijl en nationaliteit heeft, respecteerden de twee elkaars sterke punten en bouwden ze een vertrouwensband op die zo hecht was dat ze elkaar “broers” noemden. Zonder enig gevoel van rivaliteit maakten ze het werk samen, in voortdurende dialoog.
Luteijn vertelt dat het voor hem eveneens een heel bijzondere ervaring was om kennis te maken met de Japanse cultuur, kunst en werkethiek. UNUM, waarin twee mensen met verschillende achtergronden elkaars grenzen opzochten en samen nieuwe vormen van expressie creëerden, kan worden gezien als een werk dat het idee van common ground al in het maakproces zelf belichaamde.

UNUM ging op 21 mei 2025 in première op de Expo Osaka-Kansai en reisde daarna door naar Kobe en Kyoto, waar het op verschillende locaties werd opgevoerd. Luteijns wens is nu om dit werk ook in Nederland op het podium te brengen.
Vanuit de nauwe band tussen ouder en kind brengt dit werk mensen met uiteenlopende lichamelijke kenmerken samen om één kunstwerk te maken. De ongemakkelijkheid en verwarring die ontstaan juist omdat ze elkaars naasten zijn, veranderen geleidelijk naarmate ze elkaar via expressie leren kennen.
UNUM beschouwt het lichaam niet alleen als instrument om mee te dansen, maar als een medium waarmee mensen de wereld ervaren en met anderen communiceren. Zo laat het werk zien wat het lichaam in zich heeft.