De cirkel is rond - Dans Magazine
Dubbel Interview
13 april 2026
door: Jacq. Algra
In het programma LARBI van Introdans zien we drie creaties van Sidi Larbi Cherkaoui. Naast het nieuwe, inclusieve duet Residence zijn dat Cherkaoui’s poëtische odes aan de overledenen en aan vallende bladeren in de herfst: In Memoriam en Fall. Dansers Nienke Wind en Giuseppe Calabrese zwaaien er mee af. ‘Geen mooier einde van mijn danscarrière dan met deze stukken.’
‘Van Cherkaoui heb ik veel geleerd’, zegt Nienke Wind, die inmiddels vijftien seizoenen bij Introdans danst. ‘Dat vind ik geweldig: dat je je bewegingstaal echt uitbreidt en die ervaring kunt meenemen. In zijn creaties zit veel vloerwerk bijvoorbeeld. Dat is niet iets wat van nature in mij zit, dus daar moest ik flink voor aan de bak. Zijn handbewegingen zijn natuurlijk heel beroemd, maar ook die doe je niet een twee drie. Het is niet de eerste keer dat ik in In Memoriam dans, en nu blijkt dat het altijd weer beter kan. Je bent als danser sowieso nooit uitgeleerd, maar hiermee al helemaal niet.’
Ode aan de overledenen
Zeventien jaar geleden proefden de dansers van Introdans voor het eerst van de stijl van Cherkaoui. Inmiddels heeft het Arnhemse gezelschap maar liefst tien creaties van hem op het repertoire staan, waarmee het een belangrijke schatbewaarder van zijn oeuvre in Nederland is. ‘Het is een voorrecht’, zegt artistiek directeur Roel Voorintholt, ‘om al zoveel jaar met hem samen te werken en onze passie voor dans te delen.’ De Vlaams-Marokkaanse choreograaf Sidi Larbi Cherkaoui debuteerde in 1999 met dans voor de musical Anonymous Society van Andrew Wale, een jaar later gevolgd door de dansproductie Rien de Rien bij les ballets C de la B van Alain Platel. In 2010 had hij een hele reeks succesvolle voorstellingen gecreëerd en richtte hij in Antwerpen zijn eigen moderne dansgezelschap Eastman op. In de loop der jaren danste Cherkaoui duetten met bijzondere dansers uit de hele wereld, werd hij uitgenodigd door tal van balletgezelschappen en leverde hij dans voor de film Anna Karenina, een videoclip van Beyoncé en een tournee van Madonna. Daarnaast leidde hij achtereenvolgens het Ballet Vlaanderen en het Ballet de Genève. In Memoriam, Cherkaoui’s ode aan de overledenen dat is gezet op de spirituele, polyfone muziek van het Corsicaanse ensemble A Filetta, maakte hij in 2004 voor Les Ballets de Monte Carlo. Vijfjaar later studeerden de dansers van Introdans een eerste fragment in, zeven jaar later presenteerden zij het hele stuk. Nu danst Wind het liefdevolle duet in In Memoriam en met haar handbeweging start ook de meeslepende scène met de hele groep die, na een prachtige solo van de man, daarop volgt. De dansers noemen het zelf ‘the arm section’ maar veel toeschouwers ervaren het als een gezamenlijk ‘gebed’.
Verliefdheid
‘Het is gecompliceerd, specifiek en gedetailleerd en dan ook nog behoorlijk snel’, zegt Wind als ik haar een maand voor de première spreek. ‘Dan staan we in onze studio met zijn allen voor de spiegel en gaan we er eerst op laag tempo doorheen. Vervolgens proberen we het steeds sneller te doen. Ook je hoofd moet op de juiste manier mee, je moet om je as draaien, plus de formaties veranderen van tijd tot tijd. Het lijkt heel simpel omdat het zich herhaalt. Als het straks een meditatieve sfeer oproept, dan doen we het goed. Maar eerst moeten we nog even keihard aan het werk. En dan sta ik ook nog op spitzen al die tijd. Daar heb ik echt weer voor getraind, want ik ben nog niet zo lang terug van mijn zwangerschapsverlof. Ik pak mijn tenen nu elke dag strak in en dan is het: passen herhalen, herhalen, herhalen.’ Wind gaat ervoor. Ze danst ook in Fall op muziek van Arvo Part, en daarna zien we haar hier alleen nog tijdens End of Season 2026. Na optredens in Duitsland en Zuid-Afrika zwaait ze af; naar eigen zeggen een prachtige afsluiting van haar carrière. Ze weet nog niet wat ze hierna gaat doen, maar wel dat ze het dansen gaat missen. ‘Die verliefdheid als je op het toneel staat, is zoiets onbeschrijflijks. Je voelt het door je hele lijf, het tilt je naar een hoger niveau. Echt heerlijk, zeker als je dat met een danspartner kunt delen.’
Voortdurende veranderingen
Winds partner voor het duet in In Memoriam is Giuseppe Calabrese, die na dit seizoen eveneens stopt met dansen. Voor zijn loopbaan is Cherkaoui een heel bepalende choreograaf, dit duet vindt hij echt speciaal. Calabrese: ‘Het laat echt de energiewisselingen zien waar Cherkaoui het zo vaak over heeft. Die voortdurende veranderingen, de onderlinge aantrekkingskracht, hoe het ene lichaam reageert op het andere. Dat zie je hierin heel duidelijk. Sinds de tijd dat ik voor het eerst eraan werkte, nu tien jaar geleden, voel ik echt een diepe connectie met het stuk.’ Wat het moeilijkst is als je Cherkaoui’s stukken danst? ‘Ik denk dat dat het idee is dat je kunt loslaten en tegelijkertijd beheerst watje aan het doen bent. Als danser wil je eigenlijk voortdurend alles onder controle hebben. Het fijne in zijn werk is, dat je ervaart datje door los te laten echt een stap verder komt. Dat was telkens de uitdaging en nu op dit punt van mijn carrière kan ik daar echt van genieten.’ Dat laatste geldt ook voor de solo die Calabrese na het duet met Wind danst en de scène met de armen. ‘Dat is een heerlijke solo en daarna komt dat buitengewone moment. Die formatie van lichaam na lichaam dat opkomt en zich aansluit bij de anderen, het is echt een soort ritueel. Je bouwt samen een enorme energie op, dat is geweldig om te ervaren op het toneel. Ik hoor van de mensen in de zaal dat zij dat ook voelen, het omarmt iedereen.’
Met hart en ziel
Calabrese danst ook in Fall, reist in september mee naar Zuid-Afrika en blijft daarna als repetitor aan het gezelschap verbonden. Daarnaast geeft hij les aan dansopleidingen in Arnhem, Rotterdam en Hong Kong. De sleutelwoorden voor zijn dans en ook voor zijn coaching: zoek een synthese van body, mind en soul. ‘Ik denk echt dat deze drie elementen zijn wat je nodig hebt. Dat we niet moeten vergeten dat we dansers zijn maar ook mensen en datje die twee niet kunt scheiden, ze moeten samenkomen. Dus push jezelf in fysiek opzicht, maar blijf ook smart, in de manier waarop je dat doet en stop er altijd je gevoel, iets van jezelf in. Dat is volgens mij de enige manier om te kunnen groeien als danskunstenaar. Het zijn ook precies de uitgangspunten voor Cherkaoui. Voor hem is een technisch vaardig en flexibel lijf belangrijk, maar ook datje weet waarom je dingen doet en wie je zelf bent.’
De danser die ooit in Rome startte, kort het idee opvatte om advocaat te worden maar vervolgens toch in de studio in Arnhem belandde, kijkt er enorm naar uit om met deze twee werken van Cherkaoui opnieuw de dansvloer op te gaan. ‘Het maakt de cirkel rond. Geen mooier einde van mijn danscarrière dan met deze stukken. Maar de komende weken hebben we nog wel een paar puntjes op de i te zetten.’
Sidi Larbi Cherkaoui: Veerkracht, aanpassing en wederkerigheid
‘Voorstellingen choreograferen is altijd mijn manier geweest om de wereld, de uitdagingen en de gevoelens die ik ervaar vorm te geven. Dans geeft me de kans om het onzichtbare zichtbaar te maken, om een spiegel voor te houden en alles binnen een vloeiend kader te tekenen. Wat het publiek in dit programma te zien krijgt is een reis door twee decennia, een eeuwigheid in de danswereld: van mijn eerste choreografie voor een klassiek balletgezelschap tot een intiem gloednieuw duet. Het is een geweldig geschenk om dankzij deze keuze van artistiek directeur Roel Voorintholt bepaalde lagen in mijn oeuvre naar de voorgrond te brengen. Dit is een programma dat draait om veerkracht, aanpassing en wederkerigheid.
In Memoriam gaat over het omgaan met mensen die je in je leven bent verloren. Bewegen wordt een taal om te rouwen, dans een bezwering om een geliefde weer tot leven te wekken en voor altijd en eeuwig met je mee te kunnen dragen. Fall, dat ik tien jaar later heb gecreëerd, onderzoekt hoe we ons verhouden tot de elementen om ons heen: hoe het lichaam zich plooit voor water, lucht, vuur en aarde. Hoe dansers de zwaartekracht steeds proberen te omzeilen in beweging. Klassieke lijnen worden omgebogen tot hedendaagse hybride danspassen, die zijn geïnspireerd op bewegingen van dolfijnen, salamanders en hagedissen. Residence, het nieuwe duet dat te zien is tussen deze twee groepsstukken in, plaatst de relatie tot een ander centraal. Hoe ben je er voor iemand die alles kwijt is? Hoe deel je de ruimte? Hoe vind je elkaar en bouw je samen een veilige plek, een thuis?’